Bentwoud

Bentwoudbewoner: Het oranjetipje

09-05-2023 410 keer bekeken 1 reacties

In de serie 'Bentwoudbewoner' zet boswachter Jonathan Leeuwis van Staatsbosbeheer iedere maand een van de vele bijzonere bewoners van het Bentwoud in het licht. Deze maand: het oranjetipje!

Kort genieten

Het is zonder twijfel mijn favoriete vlinder, het oranjetipje! De mannetjes met hun prachtige bijna neon-oranje vleugeltipjes prachtige verfijnde groen gemarmerde ondervleugels, maken dit vlindertje tot een beeldschone subtiele verschijning. Het genieten is alleen van korte duur, het oranjetipje is een van de weinige vlinders die maar in 1 generatie per jaar vliegt. De eerste vlinders kruipen eind begin april uit hun pop, en de laatste vliegen tot eind mei. Kortom, als ze vliegen moet je je kansen pakken!

Paardrang

Als je als vlinder zo kort vliegt, en ook nog eens in 2 maanden waarin er genoeg te koude dagen zijn dat je als vlinder niet kan opwarmen, moet je je tijd erg goed benutten. De mannetjes zijn maar op 1 ding uit, paren! Als de temperaturen warm genoeg zijn om te vliegen, leggen deze heren per dag tientallen kilometers af, opzoek naar vrouwelijk schoon! Uren lang patrouilleren ze vaste routes langs bosranden en bloemrijke graslanden, in de hoop op succes bij de dames. Maar, het herkennen hier van is, ook voor een oranjetipje zelf, echt wel een dingetje. Vrouwtjes missen namelijk de oranje vleugeltipjes, en lijken sprekend op witjes. Wel hebben ze, net zoals het mannetje, de prachtige groen gemarmerde ondervleugels. De heren vliegen dan ook achter alles aan wat wit is en fladdert! Blijkt het dan toch een koolwitje te zijn, ruikt hij dat vrij snel, en vliegt hij weer door om het bij de volgende witte vlinder nog eens te proberen.

Heeft dan toch eindelijk een vrouwtje van zijn soortgenoot gevonden, dan is het pootjes crossed dat ze nog niet gepaard is door een ander mannetje. Hij start als een ware casanova een dans om de wonderschone dame heen. Steekt ze haar achterlijf omhoog, en trilt ze met de vleugels, is dat voor hem duidelijke taal. Hij is te laat en ze is al bevrucht door een ander. Proberen is dan kansloos, en moet hij door naar de volgende. Vroeg of laat gooit hij vanzelf wel een keer 6!

Eindelijk succes

Heeft hij na vele pogingen eindelijk een ongepaarde dame gevonden, dan is de kans groot dat ze voor hem valt. In een dans laten ze aan elkaar zien dat ze beide “in the mood” zijn, waarna er een 20 minuten lange paring volgt. Hierna vliegt het mannetje weer door, speurend naar nog een vrouw waar hij zijn genen kan achterlaten. Voor het vrouwtje begint nu pas het echt werk, ze mag haar eitjes gaan leggen.

Niet minder dan het beste

De vrouwtjes van het oranjetipje zijn erg toegewijde moeders. Alhoewel moeders misschien niet de beste woordkeuze is, ze zullen hun jongen namelijk nooit zien. Wel zoekt ze de aller beste plekken uit waar de rupsen een zo goed mogelijke kans krijgen. Ze zoekt allereerst naar de waardplanten van het oranjetipje, de pinksterbloem en het look-zonder-look. Maar, niet iedere waardplant ziet ze als geschikt. De planten mogen niet te jong zijn, maar moeten ook niet al te ver zijn in hun bloei. Daarnaast moet ook de omgeving geschikt zijn. Staat de plant niet in de buurt van houtige begroeiing, vliegt ze toch even door naar de volgende. Als ze een geschikte plant in het vizier heeft, ruikt ze eerst even of er geen voorganger al een eitje heeft gelegd. Twee eitjes op 1 plant is namelijk geen goed idee. De oudste rups zal namelijk zijn jongere soortgenoot zonder enig probleem weg zetten als ontbijt! Dagen lang vliegt ze heen en weer tussen de beplanting om op zo veel mogelijk geschikte planten een eitje te droppen.

Een goede start

Halverwege mei komen de eerste rupsen uit het eitje. Dankzij hun toegewijde moeder krijgen de rupsen een zo goed mogelijke start. De plant waarop ze leven is precies op de goede leeftijd. De raaddozen zijn nog jong genoeg, zodat ze niet te taai zijn voor de jonge rupsjes. Als ze volgroeid zijn, is het tijd om te verpoppen. Dit kunnen ze niet op hun waardplanten, want die zullen al snel af sterven. Gelukkig heeft moederlief gekozen voor waardplanten die dichtbij houtige begroeiing staan, zodat ze hier op veilig kunnen verpoppen, en er in april het jaar daar op weer een prachtig nieuw oranjetipje uit de pop komt kruipen.

Zelf een oranjetipje zien

Wil je zelf nou ook een oranjetipje zien? Dan moet je je kans snel pakken! Deze vlindertjes vliegen nog door dat halverwege/eind mei. Daarna moet je weer een jaartje wachten. De meeste kans maak je op vochtigere terreinen met daarin pinksterbloemen en look-zonder-look, in de buurt van bosschages. Veel succes!

Reacties

Velden met een * zijn verplicht.

Anti spam controle *

We gebruiken CAPTCHA als controlemiddel om spam tegen te houden. Vink de checkbox aan om door te gaan. Mogelijk wordt er gevraagd om bepaalde afbeeldingen te selecteren.
 
Een momentje...

1  reacties

CarlaCatharina 09-05-23 om 19:48

Wat een prachtige vlinders, ik ga extra goed opletten komende tijd! 

Cookie-instellingen